Neem contact op met Mart Jaspers
Junior Adviseur Ruimtelijke Ordening & Milieu
Veel sleufsilo’s en kuilplaten op melkvee- en veehouderijbedrijven zijn aangelegd op basis van wat jaren geleden praktisch en logisch was. Maar inmiddels zijn de eisen aan de opslag van kuilvoer en vaste bijvoedermiddelen veranderd. Met het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) gelden strengere voorwaarden voor onder andere opvang, afvoer en bescherming van het milieu. Ook nemen de controles door omgevingsdiensten en waterschappen toe. Voldoet jouw situatie straks nog aan de regels van 2027?
Sleufsilo’s en kuilplaten zijn voor veel agrarische bedrijven een vanzelfsprekend onderdeel van het erf. Toch kunnen ze gevolgen hebben voor de bodem, het oppervlaktewater en de omgeving. Denk aan vloeistoffen die uit kuilvoer vrijkomen, of regenwater dat in contact komt met voerresten.
Daarom stelt het Bal regels aan de opslag van kuilvoer en vaste bijvoedermiddelen. Er mag geen verontreiniging van de bodem of het oppervlaktewater ontstaan. Dat betekent dat je als ondernemer moet kunnen laten zien hoe je de opslag hebt ingericht, hoe je vloeistoffen opvangt en waar schoon en vuil water naartoe gaan.
In de praktijk zien we dat omgevingsdiensten en waterschappen steeds vaker meekijken. Niet alleen bij nieuwe plannen, maar ook bij bestaande situaties.
Of je een vergunning nodig hebt voor een sleufsilo of kuilplaat, hangt vooral af van het type veehouderijbedrijf.
Bij een vergunningsplichtige veehouderij vallen sleufsilo’s meestal onder de vergunning van het bedrijf. Wil je een nieuwe sleufsilo aanleggen of een bestaande voorziening aanpassen? Dan heb je in de meeste gevallen een nieuwe vergunning nodig.
Bij meldingsplichtige bedrijven kan vaak worden volstaan met een melding voor de opslag van kuilvoer of vaste bijvoedermiddelen. Dat betekent alleen niet dat er minder eisen gelden. Ook bij een melding moet je opslag technisch gezien aan de regels voldoen.
In sommige situaties kan ook een MER-beoordeling ter sprake komen. Hoe daarmee wordt omgegaan, kan per regio verschillen. Juist daarom is het verstandig om vooraf goed te laten beoordelen wat voor jouw bedrijf geldt.
Een belangrijk onderdeel van de regels is de bodembeschermende voorziening. De opslag van kuilvoer moet plaatsvinden op een ondergrond die de bodem beschermt. Denk hierbij aan:
Daarnaast moeten vloeistoffen die uit het voer vrijkomen, worden opgevangen. Het gaat dan bijvoorbeeld om perssap en percolaatwater. Die opvang moet voldoende capaciteit hebben en goed worden onderhouden.
Ook regenwater speelt een grote rol. Regenwater dat in contact komt met voer, voerresten of perssap wordt gezien als vuil water. Dat water moet worden opgevangen en afgevoerd via het vuile watersysteem. Schoon regenwater van een veegschone opslag mag wel rechtstreeks naar de bodem of het oppervlaktewater, zolang het niet vermengd raakt met voervloeistoffen.
En daar gaat het vaak mis. Op een erf lopen schoon en vuil water namelijk snel door elkaar als de afwatering niet goed is ingericht. Daarom is het belangrijk om duidelijk te hebben:
Bij een controle of vergunningaanvraag kan dit een belangrijk aandachtspunt zijn.
Naast bodembescherming en waterafvoer spelen ook geurregels mee. Een opslagplaats voor kuilvoer moet voldoende afstand houden tot geurgevoelige gebouwen. Denk aan woningen, scholen of kantoren.
Daarbij geldt:
Deze afstand wordt gemeten vanaf het dichtstbijzijnde punt van de opslag tot de gevel van het geurgevoelige gebouw. Voor voerbalen die in plastic folie zijn verpakt, gelden deze afstandsregels niet.
Wil je een nieuwe sleufsilo aanleggen of een bestaande opslag verplaatsen? Dan is het dus belangrijk om niet alleen naar de praktische ligging op je locatie te kijken, maar ook naar de afstand tot omliggende gebouwen.
Veel sleufsilo’s en kuilplaten zijn aangelegd voordat de huidige eisen zo duidelijk waren vastgelegd. Daarom geldt voor bestaande situaties een overgangstermijn tot 1 januari 2027 voor de verplichte opvangvoorziening van perssap en percolaat.
Dat geeft jou als ondernemer nog tijd om je erf goed te bekijken. Maar het betekent niet dat je niets hoeft te doen. Waterschappen controleren al actief of bedrijven maatregelen hebben genomen om sappen op te vangen en schoon en vuil water gescheiden te houden.
Voor kuilvoer met een hoog droge-stofgehalte golden voorheen in sommige situaties minder strenge eisen, bijvoorbeeld wanneer de opslag goed was afgedekt. Maar sinds het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) zijn de regels rondom opvang en afwatering aangescherpt en duidelijker.
Daardoor is het belangrijk om opnieuw te beoordelen of jouw voorzieningen nog voldoen aan deze regels.
Geen erf is hetzelfde. De ligging van de sleufsilo’s, de bestaande vloer, het hoogteverschil, de afwatering en de beschikbare ruimte bepalen samen welke oplossing logisch is.
Soms is een relatief kleine aanpassing voldoende. Bijvoorbeeld door de afwatering anders in te richten of schoon en vuil water beter te scheiden. In andere gevallen is een grotere aanpassing nodig, bijvoorbeeld bij verouderde vloeren of een erf waar waterstromen niet goed te controleren zijn.
We raden aan om daarbij niet alleen naar de regels te kijken, maar ook naar de praktische bedrijfsvoering. Een aanpassing aan sleufsilo’s of kuilplaten kan namelijk ook een goed moment zijn om het erf logischer en toekomstbestendiger in te richten.
Heb je bestaande sleufsilo’s of kuilplaten op je erf? Dan is het verstandig om tijdig te controleren of je situatie voldoet aan de huidige eisen. Let daarbij in ieder geval op:
Door dit vooraf in beeld te brengen, voorkom je dat je bij een controle moet improviseren. Bovendien weet je beter welke aanpassingen nodig zijn en welke praktische mogelijkheden er op jouw erf liggen.
De Omgevingsadviseurs helpt je om inzicht te krijgen in de regels die voor jouw situatie gelden. We kijken mee naar de bestaande situatie, beoordelen of een vergunning of melding nodig is en denken mee over een praktische aanpak die past bij jouw erf en bedrijfsvoering.
Zo weet je waar je aan toe bent en kun je op tijd stappen zetten richting 1 januari 2027.
Meer weten over de regels voor sleufsilo’s en kuilplaten? En wat dit betekent voor jouw locatie richting 2027? Mart Jaspers helpt je graag. Neem gerust contact met hem op.
Junior Adviseur Ruimtelijke Ordening & Milieu